Geloof, macht en het hart van de stad
Wie door Zuid-Peru reist, komt ze overal tegen: een centraal plein met bankjes, een fontein, enkele overheidsgebouwen en bijna altijd een kerk op een prominente plek. Op wegwijzers en plattegronden staat meestal dezelfde naam: Plaza de Armas. Maar waarom heet een plein eigenlijk ‘plein van de wapens’? Waarom staat de kerk vrijwel altijd aan dat plein? En bestaat er een verband tussen al die verschillende kerken?
📍 Locatie: Zuid-Peru
📖 Leestijd: 7 minuten
🏷️ Categorie: Peru | Cultuur | Geschiedenis | Architectuur
Waarom heet het Plaza de Armas?
De naam Plaza de Armas klinkt behoorlijk militair en dat is niet helemaal toevallig.
Bij de stichting van veel koloniale steden werd eerst een centraal plein aangelegd. Vanuit dat punt ontstond een netwerk van rechte straten en rechthoekige bouwblokken. Rond het plein kwamen de belangrijkste gebouwen te staan: de kerk of kathedraal, het gemeentehuis, bestuursgebouwen en woningen van invloedrijke families.
Oorspronkelijk werd zo’n plein meestal Plaza Mayor genoemd: het belangrijkste plein van de stad.
De naam Plaza de Armas raakte later ingeburgerd omdat het plein ook werd gebruikt voor militaire bijeenkomsten, inspecties, oefeningen en ceremonies. Soldaten konden zich er verzamelen en in tijden van gevaar vormde het een centraal punt voor de verdediging.
Armas verwijst dus inderdaad naar wapens, al betekent dat niet dat iedere plaza permanent als wapenopslag of legerplaats werd gebruikt.
In verschillende Peruaanse steden worden de namen Plaza Mayor en Plaza de Armas nog altijd naast elkaar gebruikt. In het dagelijkse taalgebruik is Plaza de Armas echter veruit de bekendste benaming geworden.
Het plein als beginpunt van de stad
De plaza was niet zomaar een open ruimte tussen gebouwen. Het was letterlijk het punt vanwaaruit een koloniale stad werd opgebouwd.
Vanaf het centrale plein werden de straten uitgemeten. De gebouwen rondom de plaza maakten direct duidelijk hoe de macht was verdeeld. De kerk vertegenwoordigde het geloof, het bestuursgebouw het wereldlijke gezag en de andere belangrijke panden waren bestemd voor handel en invloedrijke inwoners.
Dat patroon is in veel steden en dorpen van Zuid-Peru nog altijd herkenbaar. Zelfs wanneer een plaats inmiddels ver buiten het oorspronkelijke centrum is gegroeid, blijft de Plaza de Armas meestal het historische en symbolische middelpunt.
Wie in een onbekende Peruaanse plaats niet weet waar hij moet beginnen, kan daarom bijna altijd één simpele vraag stellen:
¿Dónde está la Plaza de Armas?
Vanaf daar wijst de rest zich meestal vanzelf.
Waarom staat de kerk altijd zo opvallend aan het plein?
De prominente plaats van de kerk was bewust gekozen. Tijdens de Spaanse koloniale periode moest de kerk niet alleen zichtbaar zijn, maar ook een centrale rol spelen in het dagelijkse leven.
Het plein was de plek waar mensen handel dreven, bijeenkwamen en officiële mededelingen hoorden. Door de kerk juist daar te bouwen, werd het katholieke geloof onderdeel van het bestuurlijke en sociale centrum.
Sommige kerken verrezen bovendien op of vlak bij plaatsen die al vóór de komst van de Spanjaarden een politieke of religieuze betekenis hadden.
Het bekendste voorbeeld in Zuid-Peru is de kathedraal van Cusco. Deze staat op de plek waar ooit het paleis van Inca Viracocha stond. Voor de bouw werden ook stenen gebruikt die afkomstig waren van Sacsayhuamán.
Dat was niet alleen praktisch. Het was ook een krachtig symbool: het nieuwe geloof en het koloniale bestuur namen letterlijk de plaats in van de eerdere machtsstructuur.
Zijn de kerken van Zuid-Peru met elkaar verbonden?
Niet alle kerken behoren tot één bouwkundig of religieus netwerk, maar er bestaan wel duidelijke verbindingen.
Verschillende katholieke orden, waaronder de Franciscanen, Dominicanen, Augustijnen en Jezuïeten, waren actief in Zuid-Peru. Zij stichtten kerken, kloosters en missieposten en gebruikten religieuze kunst en architectuur om het katholieke geloof te verspreiden.
De ontwerpen waren vaak gebaseerd op Europese voorbeelden, maar de uitvoering lag voor een belangrijk deel in handen van lokale steenhouwers, schilders, houtsnijders en andere ambachtslieden.
Zij namen de Europese voorbeelden niet eenvoudigweg over. Op gevels, schilderijen en altaarstukken verschenen ook bloemen, vogels, vruchten, zonnesymbolen en andere motieven uit de Andes.
Zo ontstond een herkenbare mengvorm die tegenwoordig vaak Andesbarok of mestizo-barok wordt genoemd.
De kerken lijken daardoor soms familie van elkaar. Ze delen dezelfde religieuze oorsprong en bepaalde bouwkundige kenmerken, maar iedere streek gebruikte eigen materialen, technieken en symbolen.
De Ruta del Barroco Andino
Een van de duidelijkste verbindingen tussen verschillende kerken is de Ruta del Barroco Andino bij Cusco.
Deze route bestaat uit vier kerken:
- de Iglesia de la Compañía de Jesús aan de Plaza de Armas van Cusco;
- de kerk van San Pedro Apóstol in Andahuaylillas;
- de kerk van San Juan Bautista in Huaro;
- en de kapel van Canincunca.
De route loopt door de Valle Sur ten zuiden van Cusco. Dit gebied vormde vroeger een belangrijke verbinding tussen de Inca-hoofdstad, het Titicacameer en het Amazonegebied.
Vooral de interieurs van deze kerken zijn indrukwekkend. Muren en plafonds zijn gevuld met schilderingen, bladgoud, houtsnijwerk en religieuze voorstellingen. Tussen de katholieke beelden zijn allerlei plaatselijke elementen verwerkt.
De kerk van Andahuaylillas wordt vanwege haar rijkversierde interieur regelmatig de Sixtijnse Kapel van de Andes genoemd. Die vergelijking is misschien vooral aantrekkelijk voor toeristenfolders, maar zodra je binnenstaat, begrijp je wel waar hij vandaan komt.
Welke kerk is de grootste van Zuid-Peru?
Dat lijkt een eenvoudige vraag, maar het antwoord hangt af van wat je precies meet.
Gaat het om de oppervlakte, de lengte, de hoogte, het kerkgebouw zelf of een compleet complex met meerdere kapellen? Er bestaat geen betrouwbare ranglijst waarin alle kerken van Zuid-Peru volgens dezelfde methode met elkaar worden vergeleken.
Een van de grootste en belangrijkste kerkcomplexen is in ieder geval de kathedraal van Cusco. Samen met de naastgelegen kerken El Triunfo en de Sagrada Familia beslaat het complex ongeveer 3.920 vierkante meter.
De kathedraal van Arequipa valt op een andere manier op. Het gebouw neemt vrijwel de volledige noordzijde van de Plaza de Armas in beslag. De gevel is ongeveer 110 meter lang en bepaalt daardoor voor een belangrijk deel het complete aanzicht van het plein.
De veiligste conclusie is daarom dat Cusco een van de grootste religieuze complexen van Zuid-Peru bezit, terwijl de kathedraal van Arequipa een van de meest beeldbepalende kerkgebouwen aan een Plaza de Armas is.
De kathedraal van Arequipa werd meerdere keren herbouwd
De kathedraal van Arequipa lijkt op het eerste gezicht één groot historisch gebouw, maar wat er tegenwoordig staat, is het resultaat van verschillende verwoestingen, aanpassingen en wederopbouwen.
Eerdere versies van de kathedraal werden beschadigd door aardbevingen. In 1844 verwoestte een grote brand een belangrijk deel van het gebouw. Na de herbouw volgde in 1868 opnieuw een zware aardbeving, waarbij onder andere de torens beschadigd raakten.
Ook de aardbeving van 23 juni 2001 liet duidelijke sporen achter. Een van de torens stortte in en de andere raakte zwaar beschadigd. Daarna werd de kathedraal opnieuw gerestaureerd.
De lange gevel die nu vrijwel de volledige noordzijde van de Plaza de Armas inneemt, vertelt daardoor niet één bouwverhaal. Het gebouw bestaat uit herstel, aanpassingen en reconstructies uit verschillende perioden.
Dat maakt de kathedraal extra typerend voor Zuid-Peru: monumentaal en indrukwekkend, maar gebouwd in een gebied waar de aarde nooit volledig stil blijft.
Vulkanisch gesteente en dikke muren
De omgeving bepaalde voor een belangrijk deel hoe kerken in Zuid-Peru werden gebouwd.
In en rond Arequipa werd veel gebruikgemaakt van sillar, een lichtgekleurd vulkanisch gesteente dat relatief gemakkelijk te bewerken is. Daarmee konden bouwers niet alleen grote muren en gewelven maken, maar ook complete gevels vol versieringen uithakken.
Het gebruik van witte sillar gaf Arequipa uiteindelijk haar bijnaam: de Witte Stad.
De dikke muren boden stevigheid, maar konden niet voorkomen dat kerken bij zware aardbevingen beschadigd raakten. Torens stortten in, gevels scheurden en complete gebouwen moesten worden hersteld of opnieuw opgebouwd.
Daardoor bestaat een historische kerk zelden volledig uit één bouwperiode. Achter een koloniale gevel kunnen latere verstevigingen zitten en sommige torens zijn veel jonger dan de rest van het gebouw.
Een scheur, kleurverschil of opvallend stuk metselwerk is daarom niet altijd alleen achterstallig onderhoud. Het kan ook een zichtbaar hoofdstuk uit de geschiedenis van de kerk zijn.
De plaza was veel meer dan een mooi plein
De Plaza de Armas had door de eeuwen heen allerlei functies. Er werden markten gehouden, officiële besluiten bekendgemaakt, militaire bijeenkomsten georganiseerd en religieuze processies gestart.
Het plein kon feestelijk zijn, maar kende ook een donkere kant. Sommige plaza’s werden gebruikt voor openbare straffen en executies. Dezelfde ruimte waar mensen handel dreven of een processie bijwoonden, kon ook het toneel zijn van machtsvertoon.
Tegenwoordig is de sfeer meestal een stuk vriendelijker. Kinderen spelen rond de fontein, mensen spreken af bij een bankje, taxi’s wachten langs de rand en verkopers bieden eten, drinken of souvenirs aan.
Op een gewone dag lijkt er soms weinig te gebeuren. Maar ga ergens zitten en kijk een kwartier om je heen. Dan blijkt dat een groot deel van het plaatselijke leven vanzelf over het plein trekt.
Wanneer de kerkdeuren opengaan
Veel kleinere kerken in Zuid-Peru zijn buiten missen en feestdagen gesloten. Dat kan teleurstellend zijn wanneer je speciaal bent gestopt om het interieur te bekijken.
Tijdens een lokale feestdag verandert dat volledig.
Dan gaan de deuren open en komt de kerk letterlijk naar buiten. Een beeld van een heilige of beschermheer wordt door de straten gedragen, begeleid door muziek, dansers, bloemen en soms vuurwerk. De processie begint en eindigt vaak bij de kerk, maar het werkelijke feest speelt zich voor een groot deel af op de plaza.
Op zo’n moment worden kerk en plein weer één geheel. Religie, familie, traditie, muziek, handel en feest lopen zonder duidelijke grens in elkaar over.
Ook de kerkklokken hadden vroeger een veel bredere functie dan alleen het aankondigen van een mis. Ze konden een overlijden, feest, vergadering, brand of ander gevaar bekendmaken. Het geluid van de kerk was daarmee ook het communicatiesysteem van het dorp.
Kijk de volgende keer iets langer
Een kerk aan een Peruaanse plaza is meer dan een mooi gebouw voor op een foto. Samen vertellen de kerk en het plein hoe een plaats werd ontworpen, bestuurd en bekeerd, maar ook hoe lokale bewoners die buitenlandse invloeden uiteindelijk een eigen vorm gaven.
Je ziet er Spaanse stadsplanning, katholieke macht, vakmanschap uit de Andes, vulkanisch gesteente en de gevolgen van aardbevingen bij elkaar.
Daarom loont het om onderweg niet alleen langs de bekende kathedralen te lopen. Stop ook eens in een kleiner dorp, wandel over de plaza en bekijk de gevel van de plaatselijke kerk wat nauwkeuriger.
Misschien zie je een Europese heilige. Maar kijk daarnaast ook naar de bloemen, vogels, vruchten en gezichten die door Peruaanse handen in de steen zijn achtergelaten.
Daar begint vaak het interessantere verhaal.
Meer achtergronden, routes en bijzondere plaatsen in Zuid-Peru vind je in Voorbij de Vulkanen – Eigenwijze reisgids Zuid-Peru