Ruta del Sillar: waar Arequipa zijn witte kleur vandaan haalt

Wie door het historische centrum van Arequipa loopt, kan er eigenlijk niet omheen: overal zie je die karakteristieke lichte steen terug in kerken, kloosters, oude herenhuizen, binnenplaatsen en gevels die soms zo rijk zijn versierd dat je bijna vergeet naar het gebouw als geheel te kijken. Tijdens mijn jaren in Arequipa liep ik daar natuurlijk ontelbare keren tussendoor en op een gegeven moment wordt zoiets gewoon onderdeel van de stad waarin je woont, maar pas wanneer je Arequipa uitrijdt en tussen de enorme wanden van de sillar-groeves staat, besef je waar een belangrijk deel van het gezicht van de Witte Stad eigenlijk vandaan komt.

📍 Locatie: Añashuayco | Arequipa | Peru
📖 Leestijd: 7 minuten
🏷️ Categorie: Arequipa | Geschiedenis | Verhalen uit Peru


Een stad gebouwd uit vulkanisch gesteente

Arequipa en vulkanen zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden, want bijna overal in de stad zie je de Misti boven de huizen uitsteken, met daarnaast Chachani en Pichu Pichu, maar de invloed van al dat vulkanische geweld beperkt zich niet tot het landschap dat je aan de horizon ziet. Je vindt het letterlijk terug in de muren van de stad, want een groot deel van het historische Arequipa is gebouwd met sillar, een lichtgekleurd vulkanisch gesteente dat al eeuwenlang wordt gewonnen in de omgeving.

Sillar is relatief gemakkelijk te bewerken en werd daardoor gebruikt voor kerken, kloosters, woningen en rijk versierde gevels, waardoor de steen uiteindelijk een belangrijk onderdeel werd van het uiterlijk dat Arequipa vandaag de dag nog steeds heeft. De groeves van Añashuayco, in het district Cerro Colorado, liggen niet ver buiten de stad en worden nog altijd gebruikt, waardoor je daar niet alleen kunt zien waar het materiaal vandaan komt, maar ook hoe het wordt gewonnen en bewerkt.

Wanneer je daarna weer door het centrum van Arequipa loopt, kijk je toch anders naar al die witte gebouwen, want ineens zie je niet alleen een mooie gevel, maar weet je ook waar de steen ooit uit de berg is gehaald.


Een kerkgevel midden in een steengroeve

En dan sta je ineens voor iets waarvan je in eerste instantie misschien denkt dat het een overblijfsel van een gebouw is, terwijl het in werkelijkheid helemaal geen kerk is, maar een enorme afbeelding van een kerkgevel die rechtstreeks uit de wand van de groeve is gehakt.

De afbeelding op mijn foto is gebaseerd op de gevel van de Iglesia de la Compañía de Jesús, een van de bekendste historische kerken van Arequipa, en juist doordat de voorstelling zo groot is, krijg je pas wanneer je ervoor staat een goed idee van wat de steenhouwers met sillar kunnen maken. De deuren, zuilen, bogen en andere details zijn niet ergens gemaakt en later tegen de wand geplaatst, maar uit dezelfde enorme massa steen gehakt waar je zelf voor staat.

Dat vond ik indrukwekkend, niet alleen vanwege de afmetingen, maar vooral omdat het zo mooi laat zien wat er mogelijk is met precies dezelfde steensoort die je overal in Arequipa terugziet.


De mensen achter de Witte Stad

Wat ik aan deze plek misschien nog interessanter vond dan de grote sculpturen, waren de canteros, de steenhouwers die hier nog steeds werken en het vak van generatie op generatie hebben doorgegeven. Wanneer je door het historische centrum loopt, zie je uiteindelijk alleen het resultaat van hun werk, maar hier zie je hoeveel lichamelijke inspanning eraan voorafgaat voordat een stuk sillar überhaupt geschikt is om ergens voor gebruikt te worden.

Blokken worden uit de wand gehaald, op maat gemaakt en verder bewerkt, en wanneer je dat een tijdje staat te bekijken, realiseer je je pas hoeveel werk er achter een materiaal zit dat je in de stad bijna vanzelfsprekend bent gaan vinden.

Dat vond ik tijdens mijn jaren in Peru vaker interessant: als bezoeker kijken we meestal naar het eindresultaat, maken een foto en lopen weer verder, terwijl ergens anders iemand uren, dagen of soms veel langer bezig is geweest om datgene te maken waar wij uiteindelijk een paar minuten naar staan te kijken.

Bij sillar kun je die twee werelden heel mooi naast elkaar zien.

In het centrum van Arequipa zie je wat ervan gemaakt is, terwijl je in Añashuayco ziet waar het allemaal begint.


De Ruta del Sillar

De groeves van Añashuayco maken tegenwoordig deel uit van de Ruta del Sillar, een route langs verschillende plekken rond Arequipa waar de vulkanische steen wordt gewonnen en waar je kunt zien hoe de canteros werken. Natuurlijk zijn de enorme uitgehakte figuren en gevels indrukwekkend en leveren ze mooie foto's op, maar voor mij zat de waarde van deze plek vooral in het verhaal erachter.

Je begrijpt ineens beter waarom Arequipa eruitziet zoals het eruitziet, waar de steen van al die oude gebouwen vandaan kwam en hoeveel werk nodig was voordat een blok uit een groeve uiteindelijk onderdeel kon worden van een kerk, klooster of woning.

En juist daardoor vond ik het geen plek waar je alleen even naartoe rijdt om een paar foto's te maken, maar een plek die eigenlijk helpt om de stad zelf beter te begrijpen.


La Ciudad Blanca

Arequipa wordt niet voor niets La Ciudad Blanca, de Witte Stad, genoemd, en hoewel er verschillende verhalen bestaan over de precieze oorsprong van die bijnaam, is het gebruik van het lichte sillar onmiskenbaar verbonden met het beeld dat mensen van de stad hebben. Het historische centrum van Arequipa staat sinds 2000 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO en juist de combinatie van Europese en lokale bouwtradities, samen met het gebruik van vulkanisch gesteente, geeft de stad haar bijzondere architectuur.

Toen ik er woonde, stond ik daar natuurlijk niet iedere dag bij stil. Je loopt naar buiten, doet boodschappen, rijdt ergens naartoe, spreekt iemand af en ondertussen staat de Misti gewoon op de achtergrond en loop je langs gebouwen die voor iemand die voor het eerst in Arequipa komt misschien indrukwekkend zijn, maar die voor jou inmiddels onderdeel van thuis zijn geworden.

Dat is misschien wel een van de vreemde dingen aan jarenlang ergens wonen: het bijzondere wordt langzaam gewoon.


Pas later kijk je anders

Nu ik deze foto terugzie, kijk ik er daarom anders naar dan toen ik hem maakte, want ik zie niet alleen meer die enorme uitgehakte gevel in een witte rotswand, maar denk meteen aan de gebouwen in Arequipa, de straten waar ik zo vaak doorheen liep en de vulkanen die overal rondom de stad aanwezig waren.

Alles hangt eigenlijk met elkaar samen.

De vulkanen zorgden voor het gesteente, mensen haalden het uit de groeves, generaties steenhouwers leerden ermee werken en uiteindelijk werd een complete stad voor een belangrijk deel gevormd door materiaal dat letterlijk uit het landschap rondom Arequipa kwam.

Misschien is dat ook waarom ik deze foto zo mooi vind, want je kijkt niet naar een eeuwenoude kerk en ook niet naar een archeologische vondst, maar naar een moderne afbeelding die rechtstreeks uit de sillarwand is gehakt en daarmee eigenlijk in één beeld laat zien hoe belangrijk deze steen voor Arequipa is geweest.

Ik heb vijf jaar tussen al die witte gebouwen gewoond en waarschijnlijk duizenden keren naar sillar gekeken zonder er nog bewust bij stil te staan.

Maar soms heb je een foto nodig om jaren later weer te beseffen hoe bijzonder iets was dat toen gewoon bij je dagelijkse leven hoorde.

Uitgehakte kerkgevel in de witte sillarwand van de steengroeve van Añashuayco bij Arequipa in Peru.