Onder de vloeren van eeuwenoude woningen in het zuiden van Peru ontdekten archeologen iets opmerkelijks: 112 gemummificeerde cavia's. Niet toevallig achtergelaten, maar bewust begraven door mensen die hier lang vóór de komst van de Spanjaarden leefden. Op andere plaatsen in Zuid-Peru werden cavia's aangetroffen met kleurrijke versieringen, terwijl ook bij het ceremoniële centrum van Nazca resten van deze dieren werden gevonden. Wat betekende de cuy voor de oude bewoners van de Andes, en waarom kreeg zo'n klein dier een plaats in hun religieuze rituelen?
📍 Locatie: Moquegua, Nazca, Arequipa en Cusco – Zuid-Peru
📖 Leestijd: circa 8 minuten
🏷️ Categorie: Geschiedenis, archeologie & cultuur
Een opmerkelijke ontdekking in Moquegua
In het zuiden van Peru ligt de vallei van Moquegua, een gebied waar droge woestijnlandschappen worden afgewisseld met groene landbouwgronden langs de rivier. Het is een streek met een lange geschiedenis, waarin verschillende culturen hun sporen hebben achtergelaten.
Bij archeologische opgravingen op de vindplaats El Yaral ontdekten onderzoekers iets wat zelfs voor ervaren archeologen bijzonder moet zijn geweest.
Onder de vloeren van vier gebouwen lagen de resten van maar liefst 112 cavia's.
De dieren waren door het droge klimaat op natuurlijke wijze gemummificeerd. Daardoor waren ze opmerkelijk goed bewaard gebleven, ondanks de vele eeuwen die sinds hun begraving waren verstreken.
De opgravingen vonden plaats tussen 1985 en 1988. De vindplaats behoort tot de Chiribaya-cultuur, die zich in de eeuwen vóór de komst van de Spanjaarden in het zuiden van Peru ontwikkelde.
Wat de ontdekking zo opmerkelijk maakt, is dat de dieren niet zomaar onder de woningen terecht waren gekomen.
Onderzoekers concludeerden dat ze bewust waren gedood en begraven.
Daarmee ontstond een vraag die veel interessanter is dan de vondst alleen.
Waarom zouden mensen zoveel cavia's onder hun eigen huizen begraven?
Wie waren de Chiribaya?
De Chiribaya waren een pre-Incavolk dat leefde in de zuidelijke kustgebieden van Peru, vooral in de omgeving van Moquegua en de aangrenzende valleien.
Hun leefgebied bestond uit een combinatie van woestijn, vruchtbare rivieroevers en hoger gelegen gebieden richting de Andes.
Die verschillende landschappen boden mogelijkheden voor landbouw, veeteelt, visserij en handel.
De Chiribaya maakten onder andere gebruik van irrigatie om gewassen te verbouwen. Daarnaast hielden ze dieren en onderhielden ze contacten met gemeenschappen in andere gebieden.
Archeologen hebben op verschillende vindplaatsen voorwerpen, textiel, aardewerk en menselijke resten gevonden die inzicht geven in hun dagelijkse leven.
De ontdekking van de cavia's bij El Yaral voegt daar een bijzonder hoofdstuk aan toe.
De dieren waren kennelijk belangrijk genoeg om een plaats te krijgen in handelingen die niet rechtstreeks met voedselbereiding te maken hadden.
Het is mogelijk dat de offers verband hielden met de bescherming van woningen of het welzijn van de bewoners.
Maar dat blijft een interpretatie.
De Chiribaya hebben geen geschreven verklaring achtergelaten waarin ze vertellen waarom ze de dieren onder hun huizen begroeven.
Archeologen kunnen de resten onderzoeken, de plaats van de vondsten vaststellen en vergelijkingen maken met andere culturen. Maar de precieze gedachten en overtuigingen van de mensen die de offers brachten, blijven grotendeels verborgen.
Dat maakt de ontdekking niet minder interessant.
Integendeel.
Waarom werden dieren onder huizen begraven?
Het begraven van dieren bij woningen of gebouwen kwam in verschillende oude culturen voor.
Soms gebeurde dat tijdens de bouw van een huis, soms bij belangrijke gebeurtenissen of ceremonies. Dieren en andere voorwerpen konden daarbij worden aangeboden aan godheden, voorouders of krachten die volgens de bewoners invloed hadden op hun leven.
In de Andes speelde de relatie tussen mensen, hun omgeving en de spirituele wereld een belangrijke rol.
Bergen, waterbronnen, landbouwgrond en natuurlijke verschijnselen konden een bijzondere betekenis hebben.
Een huis was bovendien meer dan alleen een plaats om te slapen. Het bood bescherming aan de familie en vormde het centrum van het dagelijkse bestaan.
Het is daarom voorstelbaar dat bepaalde rituelen bedoeld waren om een woning of de mensen die erin leefden te beschermen.
Of dat ook de bedoeling was van de 112 cavia's bij El Yaral, weten we niet zeker.
De archeologische vondsten tonen aan dát de dieren bewust werden begraven, maar geven geen definitief antwoord op de vraag waarom.
Juist dat onderscheid is belangrijk.
Want het verleden wordt niet interessanter door er verklaringen bij te verzinnen. Soms is het mysterie van een ontdekking al bijzonder genoeg.
Cavia's bij het ceremoniële centrum van Nazca
Moquegua is niet de enige plaats in Zuid-Peru waar archeologen cavia's in een bijzondere context aantroffen.
Ook bij Cahuachi, het grote ceremoniële centrum van de Nazca-cultuur, zijn resten van deze dieren gevonden.
Cahuachi ligt in de woestijn bij Nazca en bestaat uit grote bouwwerken van adobe, pleinen en andere ruimten die een belangrijke rol speelden bij bijeenkomsten en religieuze ceremonies.
Het complex was geen gewone stad zoals wij die tegenwoordig kennen. Het had vooral een ceremoniële functie en trok waarschijnlijk mensen uit verschillende delen van de regio.
Bij archeologisch onderzoek zijn 23 goed bewaarde cavia's beschreven.
Dat is opmerkelijk, omdat de dieren daarmee ook voorkomen in een omgeving die nauw verbonden was met het religieuze leven van de Nazca.
Toch moeten we voorzichtig zijn met conclusies.
De aanwezigheid van dierlijke resten op een ceremoniële vindplaats bewijst niet automatisch dat ieder dier als offer werd gebruikt. Daarvoor zijn de precieze omstandigheden van de vondst belangrijk.
Maar wanneer we de ontdekkingen in Moquegua en Nazca naast elkaar leggen, ontstaat wel een interessant beeld.
In verschillende culturen van Zuid-Peru waren cavia's aanwezig op plaatsen waar meer gebeurde dan alleen wonen, werken en eten.
Dat roept de vraag op of het dier in verschillende delen van de Andes een bijzondere symbolische betekenis had.
Tambo Viejo: cavia's met kleurrijke versieringen
Een van de meest opvallende archeologische ontdekkingen werd gedaan bij Tambo Viejo, in de Acarí-vallei in de huidige regio Arequipa.
Deze vindplaats behoort tot de periode waarin de Inca's grote delen van Zuid-Peru onder hun bestuur hadden gebracht.
Bij opgravingen werden cavia's aangetroffen die bewust waren begraven als onderdeel van rituele handelingen.
Sommige dieren waren zelfs versierd.
Onderzoekers ontdekten gekleurde draden van wol die rond de dieren waren aangebracht. Er waren versieringen bij die leken op kleine oorbellen en halskettingen.
De kleuren varieerden van rood en geel tot groen en paars.
Dat is een opmerkelijk beeld.
Waarom zou iemand een cavia eerst zorgvuldig versieren om het dier vervolgens te offeren?
De vondsten wijzen erop dat de voorbereiding van het dier onderdeel kon zijn van de ceremonie.
Bij Tambo Viejo werden de offers bovendien aangetroffen in verband met de aanleg van gebouwen. Mogelijk werden de dieren begraven tijdens rituelen die met de bouw of ingebruikname van een constructie te maken hadden.
Ook werden bij sommige vondsten resten van houtskool en as aangetroffen, wat erop kan wijzen dat vuur bij bepaalde handelingen een rol speelde.
De exacte betekenis van deze ceremonies is niet bekend.
Maar de zorg waarmee sommige dieren werden versierd, maakt duidelijk dat het niet om een willekeurige handeling ging.
De cuy kreeg hier een plaats in een ritueel dat voor de betrokken gemeenschap belangrijk moet zijn geweest.
De Inca's en de betekenis van dierenoffers
Toen de Inca's vanuit Cusco hun rijk uitbreidden, kwamen uiteenlopende volkeren en tradities onder hun bestuur.
De cuy was op dat moment al eeuwenlang bekend in de Andes.
De Inca's waren dus niet de eersten die deze dieren hielden of gebruikten bij ceremonies. Ze bouwden voort op gebruiken die in verschillende gebieden al bestonden.
Uit beschrijvingen van Spaanse kroniekschrijvers weten we dat cavia's bij bepaalde religieuze rituelen werden geofferd.
Dierenoffers waren in de Andes onderdeel van een wereldbeeld waarin mensen een relatie onderhielden met godheden, voorouders en de natuur.
Een offer kon worden gebracht om bescherming te vragen, dankbaarheid te tonen of een belangrijke gebeurtenis te begeleiden.
Ook zijn er historische beschrijvingen van rituelen waarbij men de ingewanden van dieren onderzocht om aanwijzingen te zoeken over gebeurtenissen of de toestand van een persoon.
Dat klinkt tegenwoordig vreemd, maar vergelijkbare vormen van waarzeggerij kwamen in verschillende oude beschavingen voor.
Het is daarbij belangrijk om te beseffen dat het Incarijk geen samenleving was waarin iedereen precies dezelfde gebruiken kende.
Het rijk omvatte grote gebieden met verschillende talen, volkeren en plaatselijke tradities.
De betekenis van een dier of offer kon daarom per regio en gelegenheid verschillen.
Wat in Moquegua gebeurde, hoefde niet precies hetzelfde te betekenen als een ceremonie in Cusco of aan de kust bij Arequipa.
Wat archeologen uit dierenresten kunnen afleiden
Op het eerste gezicht lijken botten en gemummificeerde dieren misschien minder indrukwekkend dan grote tempels of rijk versierde graven.
Toch kunnen juist zulke vondsten archeologen veel vertellen.
Aan de hand van dierlijke resten kunnen onderzoekers bijvoorbeeld proberen vast te stellen welke dieren mensen hielden, hoe oud ze werden en of ze vooral voor voedsel of mogelijk voor andere doeleinden werden gebruikt.
Ook de plaats waar resten worden aangetroffen, is belangrijk.
Een verzameling botten tussen afvalresten vertelt mogelijk iets anders dan een volledig dier dat zorgvuldig onder een vloer is begraven.
Bij sommige vindplaatsen kunnen onderzoekers bovendien vaststellen of dieren opzettelijk zijn gedood, of ze versieringen droegen en of er andere voorwerpen bij lagen.
Tegenwoordig speelt ook DNA-onderzoek een steeds grotere rol.
Daarmee kunnen wetenschappers verwantschappen tussen oude en moderne dierpopulaties onderzoeken en proberen te achterhalen hoe dieren zich door verschillende gebieden verspreidden.
Maar zelfs met al die moderne technieken blijven er grenzen aan wat we kunnen weten.
Een archeoloog kan aantonen dat een dier op een bepaalde plaats werd begraven.
Hij kan soms ook reconstrueren hoe dat gebeurde.
Maar wat de mensen daarbij dachten, hoopten of geloofden, laat zich niet altijd achterhalen.
En misschien is dat wel een van de fascinerendste kanten van de archeologie.
Drie vindplaatsen, drie bijzondere ontdekkingen
Wanneer we de vondsten uit Zuid-Peru naast elkaar leggen, ontstaat een opmerkelijk beeld.
In Moquegua ontdekten archeologen 112 gemummificeerde cavia's onder de vloeren van woningen die tot de Chiribaya-cultuur behoorden.
Bij Cahuachi, het ceremoniële centrum van de Nazca-cultuur, werden eveneens goed bewaarde cavia's gevonden.
En bij Tambo Viejo, in de huidige regio Arequipa, troffen onderzoekers dieren aan die met kleurrijke draden waren versierd en als offers waren begraven.
Het gaat om verschillende plaatsen, verschillende perioden en verschillende culturele achtergronden.
Toch komt telkens hetzelfde kleine dier terug.
Dat betekent niet dat al deze gemeenschappen dezelfde overtuigingen hadden. Daarvoor is het archeologische bewijs te beperkt en waren de culturele verschillen te groot.
Maar het laat wel zien dat de cuy in de geschiedenis van Zuid-Peru meer betekenissen kon hebben dan uitsluitend die van voedsel.
En dat is iets waar je tijdens een bezoek aan de bekende archeologische plaatsen niet onmiddellijk bij stilstaat.
Een geschiedenis die onder de grond verborgen lag
Wanneer we denken aan de oude beschavingen van Zuid-Peru, komen meestal de grote monumenten naar voren.
De lijnen van Nazca, de tempels van Cahuachi, de indrukwekkende bouwwerken van de Inca's en de archeologische resten die verspreid liggen over de Andes.
Maar niet iedere belangrijke ontdekking bestaat uit een groot gebouw, een gouden voorwerp of een rijk versierd graf.
Soms gaat het om iets veel kleiners.
Een dier dat zorgvuldig onder een vloer werd begraven.
Een paar gekleurde draden die eeuwenlang bewaard bleven.
Of resten die onderzoekers helpen begrijpen hoe mensen hun dagelijks leven en hun geloof met elkaar verbonden.
Dat is wat de geschiedenis van de cuy in Zuid-Peru zo bijzonder maakt.
De archeologische vondsten geven geen volledig antwoord op alle vragen. We weten niet precies waarom de Chiribaya zoveel cavia's onder hun woningen begroeven of welke betekenis iedere ceremonie bij Tambo Viejo had.
Maar ze laten wel zien dat deze dieren een plaats innamen in de wereld van mensen die eeuwen geleden in dezelfde valleien en woestijngebieden leefden waar tegenwoordig nog altijd dorpen en steden liggen.
En misschien is dat wel de mooiste ontdekking: dat een klein dier, dat wij tegenwoordig vooral van de menukaart of uit een dierenhok kennen, ons iets kan vertellen over de overtuigingen en rituelen van beschavingen die allang verdwenen zijn.
Want sommige verhalen uit het verleden liggen niet verborgen in indrukwekkende tempels of monumenten.
Soms liggen ze gewoon onder de vloer.
Foto: Pedro Espinoza Pajuelo / Wikimedia Commons – CC BY-SA 4.0.