Vanuit Arequipa naar Chili rijden voor één stempel in mijn paspoort leek mij destijds een prima plan. Het was coronatijd, mijn Spaans stelde nog weinig voor en aan de grens sprak niemand Engels, maar hoeveel kon er nu eigenlijk misgaan als er maar één weg naar Chili liep? Achteraf kan ik die vraag beantwoorden: behoorlijk veel. Zeker wanneer je, zoals ik, per se met je eigen auto wilt gaan terwijl er vanuit Tacna een bus rijdt waarvan de chauffeur precies weet hoe alles aan de grens geregeld moet worden.
📍 Locatie: Arequipa | Tacna | grens Peru-Chili | Arica
📖 Leestijd: circa 8 minuten
🏷️ Categorie: Peru | Zuid-Peru | Persoonlijke verhalen | Reistips
Even naar Chili voor een stempel
Voordat ik mijn Carné de Extranjería had, hoorde het af en toe verlaten van Peru bij het leven dat ik daar aan het opbouwen was, want mijn verblijf moest administratief in orde blijven en daarvoor had ik zo nu en dan een nieuwe inreisstempel nodig. Tegenwoordig klinkt het bijna komisch dat ik daarvoor vanuit Arequipa naar een ander land reed, maar destijds was het vooral iets wat geregeld moest worden en Chili lag, Zuid-Amerikaanse afstanden in aanmerking genomen, redelijk dichtbij.
De rit vanuit Arequipa naar Tacna en vervolgens richting de Chileense grens duurt ongeveer vijf uur en gaat voor een groot deel door het droge landschap van Zuid-Peru. Ik had alle papieren bij me die volgens mij belangrijk konden zijn, stapte in mijn auto en vertrok met het idee dat ik later die dag mijn stempel zou hebben en daarmee voorlopig weer klaar zou zijn.
Er bestond alleen een veel eenvoudigere oplossing, die ik natuurlijk niet koos.
Vanuit Tacna kon je gewoon met een bus naar Chili. De chauffeurs reden die route voortdurend, wisten precies bij welk loket je moest zijn en hielpen hun passagiers door de grensformaliteiten heen. Je kon vervolgens doorrijden naar Arica, daar rustig lunchen en later dezelfde dag weer met de bus terug naar Tacna. Chili in, Chili uit, de juiste stempels in je paspoort en klaar.
Maar Lauwrens wilde per se met zijn eigen auto rijden.
Dan krijg je dus dit soort geneuzel.
Er was maar één weg, dus wat kon er misgaan?
Het was midden in de coronaperiode, waardoor een internationale grens sowieso al niet de meest ontspannen plek was om rond te rijden. Er waren testen, mondkapjes, extra controles en regels waarvan je soms pas ontdekte dat ze bestonden wanneer iemand je vertelde dat je iets verkeerd had gedaan. Mijn Spaans was op dat moment nog lang niet voldoende om ingewikkelde immigratieproblemen uit te leggen en aan de grens bleek Engels vrijwel niemand te spreken.
Toch leek het aanvankelijk overzichtelijk, want er was eigenlijk maar één weg. Ik volgde die weg, reed langs gebouwen en controleposten en dacht dat vanzelf wel duidelijk zou worden waar ik moest stoppen voor de formaliteiten.
Dat werd het uiteindelijk ook, alleen iets later dan handig was.
Op een bepaald moment bleek namelijk dat ik al in Chili stond.
Met mijn auto.
Alleen had ik geen Chileense inreisstempel.
Daarmee ontstond een probleem dat ik vooraf onmogelijk had kunnen bedenken, want om Chili officieel weer te verlaten moest ik eerst aantonen dat ik Chili officieel was binnengekomen, terwijl ik juist die registratie niet had. Fysiek was ik dus in Chili, maar volgens de administratie eigenlijk niet, en vervolgens moest ik zien uit te leggen dat ik graag officieel Chili in wilde terwijl ik er al stond, zodat ik daarna officieel Chili weer uit kon om terug naar Peru te gaan.
Probeer dat maar eens uit te leggen wanneer je nauwelijks Spaans spreekt, niemand Engels spreekt en iedereen vanwege corona ook nog achter mondkapjes staat.
Eén vrouw begreep uiteindelijk wat er aan de hand was
Ik weet niet meer precies welke functie ze had, of ze van de douane, immigratiedienst of een andere grensinstantie was, maar gelukkig was er één vrouwelijke medewerker die op een gegeven moment begreep dat ik niet bewust iets had geprobeerd te omzeilen. Ik was simpelweg met mijn auto de verkeerde kant op gereden en zat inmiddels in een administratieve situatie waar ik zelf niet meer uitkwam.
Omdat een ingewikkeld gesprek in het Spaans geen enkele kans van slagen had, belde zij uiteindelijk met mijn partner, die kon vertalen wat er gebeurd was en vooral kon begrijpen wat ik volgens haar moest doen om weer legaal aan de Peruaanse kant terecht te komen.
Vanaf dat moment wist ik tenminste welke kant ik op moest, maar daarmee was ik er nog lang niet.
Aan de Peruaanse kant kwam ik in een rij terecht waar weinig beweging in leek te zitten. Na ongeveer twee uur wachten stond ik eindelijk bij het loket, waar een oudere vrouw zat die bepaald niet de indruk wekte dat mijn probleem bovenaan haar lijstje stond. Na alle uitleg bleek dat ze documenten wilde zien die ik inderdaad bij me had.
Mijn huwelijkspapieren.
Die lagen alleen nog in de auto.
Twee uur wachten, papieren halen en gewoon opnieuw aansluiten
Mijn auto stond ergens verderop, dus er zat niets anders op dan terug te lopen, de huwelijkspapieren te pakken en opnieuw naar het loket te gaan. Uiteraard betekende dat niet dat ik mijn oude plaats in de rij weer kon innemen; ik kon gewoon opnieuw achteraan aansluiten en stond vervolgens nog ongeveer anderhalf uur te wachten met mijn papieren in mijn hand.
Op zo'n moment begin je jezelf toch af te vragen waarom je 's morgens niet gewoon in Tacna in die bus bent gestapt.
Dan had een chauffeur die deze route waarschijnlijk honderden keren had gereden mij precies verteld waar ik moest uitstappen, waar mijn paspoort gestempeld moest worden en wanneer ik weer in de bus kon stappen. Een paar uur later had ik ergens in Arica kunnen lunchen en daarna rustig terug kunnen rijden naar Tacna, terwijl iemand anders zich druk maakte over de grensprocedure.
Maar nee.
Mijn eigen auto leek mij handiger.
Na inmiddels uren aan de grens begon ik daar iets anders over te denken.
Twintig minuten naar mijn papieren kijken
Toen ik voor de tweede keer aan de beurt kwam en nu gelukkig ook mijn huwelijkspapieren bij me had, kwam mijn dossier uiteindelijk terecht bij iemand die kennelijk voldoende bevoegdheid had om daadwerkelijk een beslissing te nemen. Of hij officieel manager was weet ik niet meer, maar hij straalde in ieder geval uit dat mijn probleem niet nog langs vijf andere loketten hoefde.
Hij pakte mijn paspoort, bekeek mijn papieren, bladerde terug naar mijn paspoort, las mijn huwelijkspapieren en legde documenten naast elkaar terwijl ik aan de andere kant van de balie stond te wachten.
En dat duurde.
Ik weet niet wat hij allemaal controleerde en begreep waarschijnlijk maar de helft van wat er om mij heen werd gezegd, maar voor mijn gevoel heeft die man zeker twintig minuten serieus naar alles zitten kijken. Na de uren die ik inmiddels aan die grens had doorgebracht, kon ik weinig anders meer doen dan wachten en hopen dat ergens tussen mijn paspoort, huwelijkspapieren en alle andere documenten voldoende bewijs zat om mij weer Peru binnen te laten.
Uiteindelijk legde hij de papieren voor zich neer, pakte een stempel en drukte die op het document.
Pats.
Meer was het niet.
Na ongeveer zeven uur gedoe aan de grens was dat ene geluid voldoende om het hele probleem op te lossen.
Ik was weer in Peru.
Een hotel in Tacna en één glas wijn
Op dat moment had ik geen enkele behoefte meer om nog vijf uur naar Arequipa te rijden. Ik was moe, had de hele dag nauwelijks geweten of ik nu officieel in Peru, Chili of administratief ergens tussen beide landen verbleef en vond dat ik mijn geluk niet verder moest uitdagen. Ik reed daarom terug naar Tacna, waar ik een hotel had om de nacht door te brengen.
Na zo'n dag vond ik bovendien dat ik wel een fles wijn had verdiend, dus die kocht ik ook.
In het hotel schonk ik mezelf een glas in en daarmee was het feest eigenlijk alweer afgelopen, want na één glas was ik compleet weg. De spanning van de grens, het urenlange wachten, de rit vanuit Arequipa en het voortdurend proberen te begrijpen wat mensen tegen mij zeiden, waren kennelijk voldoende geweest.
De rest van de fles kon wachten.
Vóór vijf uur zat ik alweer in de auto
De volgende ochtend was ik vroeg wakker en ruim vóór vijf uur zat ik alweer achter het stuur. Tacna lag nog grotendeels te slapen en ik wilde maar één ding: terug naar huis, naar Arequipa, zonder loketten, grensbewakers, formulieren of iemand die nog iets met mijn paspoort wilde doen.
Na de chaos van de dag ervoor was de lange rit naar het noorden bijna ontspannend. Gewoon rijden, de weg volgen en vooral nergens meer stoppen waar iemand een uniform droeg en een stempel bezat.
Rond tien uur 's morgens kwam ik in Arequipa aan, zette de auto neer, ging naar binnen en ben verder gaan slapen.
Volgens mij heeft die dag mij ongeveer acht jaar van mijn leven gekost.
Mijn advies? Neem gewoon de bus vanuit Tacna
Achteraf was de oplossing zo eenvoudig dat het bijna pijnlijk is. Wanneer je vanuit Zuid-Peru alleen de grens met Chili over wilt omdat je een in- en uitreisstempel nodig hebt, maak er dan vooral niet het avontuur van dat ik ervan heb gemaakt. Ga naar Tacna, zoek een bus die de grens overgaat en laat de chauffeur je helpen met de formaliteiten. Die mensen rijden de route voortdurend en weten precies hoe het werkt.
Rijd daarna lekker door naar Arica, zoek daar een restaurant, bestel een lunch, geniet ervan dat je een paar uur in Chili bent en stap vervolgens weer in de bus naar Tacna. Aan het einde van de dag ben je terug in Peru en heb je precies bereikt waarvoor je kwam.
Probleem opgelost.
Ik had dat natuurlijk ook kunnen doen, maar Lauwrens wilde per se met zijn eigen auto naar Chili.
En dan sta je dus ineens zonder de juiste stempel aan de verkeerde kant van een internationale grens, midden in coronatijd, zonder voldoende Spaans, met je huwelijkspapieren nog in de auto en uiteindelijk zeven uur te wachten op een handeling die zelf nog geen twee seconden duurt.
Pats.
Stempel.
Achteraf een geweldig verhaal.
Op dat moment dacht ik maar één ding:
NOOIT WEER. NOOIT MEER.
Handige links