Op reis naar Peru? Bereid je goed voor, maar laat ook ruimte voor avontuur
Ik krijg regelmatig de vraag hoe je je het beste kunt voorbereiden op een reis naar Peru. Meestal verwacht men een lijstje met spullen die in de koffer moeten, welke vaccinaties verstandig zijn en hoeveel geld je moet meenemen. Natuurlijk zijn dat belangrijke zaken, maar na vijf jaar in Peru te hebben gewoond, heb ik gemerkt dat een goede voorbereiding veel verder gaat dan een checklist afvinken.
Peru is namelijk geen land waar alles volgens planning verloopt. En eerlijk gezegd is dat juist een deel van de charme.
Wie voor het eerst naar Peru reist, wil vaak zoveel mogelijk zien. Lima, Paracas, Huacachina, Nazca, Arequipa, Colca Canyon, Cusco, Machu Picchu, misschien ook nog het Titicacameer en als er tijd over is de Amazone. Op papier lijkt dat allemaal prima te doen, totdat je ontdekt dat Peru bijna dertig keer zo groot is als Nederland. Afstanden zijn hier ineens heel relatief. Een ritje van acht uur wordt door een Peruaan zonder blikken of blozen omschreven als "dichtbij". Daar moest ik in het begin ook even aan wennen.
Mijn eerste advies is daarom heel simpel: probeer niet alles in één reis te proppen.
Je kunt beter twee dagen extra in Arequipa blijven of rustig genieten van de Ballestas-eilanden bij Paracas dan voortdurend van bus naar bus te hollen. Peru loopt niet weg. Sterker nog, de kans is groot dat je na thuiskomst alweer nadenkt over een tweede reis.
Ook de hoogte verdient wat aandacht. Veel reizigers stappen vanuit Lima vrijwel direct op het vliegtuig naar Cusco. Dat kan prima gaan, maar je lichaam krijgt dan wel meteen een flinke uitdaging. Ik heb mensen gezien die nergens last van hadden en anderen die na een paar uur al met hoofdpijn op een bankje zaten. Hoogteziekte kiest geen leeftijd, geen conditie en al helemaal geen nationaliteit. Zelfs fanatieke marathonlopers kunnen er last van krijgen.
Gun jezelf daarom de tijd om te acclimatiseren. Drink voldoende water, doe de eerste dagen rustig aan en luister vooral naar je eigen lichaam. De Andes lopen morgen ook nog niet weg.
Een andere vraag die ik vaak krijg, gaat over geld. "Moet ik veel contant meenemen?" Mijn antwoord is meestal: niet te veel, maar ook zeker niet te weinig. In de grotere steden kun je bijna overal pinnen of met een creditcard betalen, maar zodra je de toeristische routes verlaat, blijkt contant geld nog verrassend handig. Ik heb regelmatig in een klein restaurant gegeten waar de rekening nog gewoon met pen op een kladblok werd geschreven. Daar hoef je echt niet met je creditcard aan te komen.
En neem vooral kleding mee voor verschillende seizoenen, ook al reis je midden in de zomer. Dat klinkt misschien vreemd, maar Peru heeft zoveel verschillende klimaatzones dat je op één dag een T-shirt, een regenjas én een warme trui kunt gebruiken. In Lima kan het grijs en vochtig zijn, terwijl je een paar uur later in de zon door de woestijn van Paracas loopt en een dag daarna met een fleece op een bergpas van ruim vierduizend meter staat. Ik heb meer dan eens toeristen horen mopperen dat ze óf veel te warm, óf veel te koud waren. Dat lag meestal niet aan Peru, maar aan de inhoud van hun koffer.
Wat je verder niet moet vergeten? Regel je bezoek aan Machu Picchu ruim van tevoren. Dat is misschien wel de enige plek in Peru waar spontaan beslissen niet altijd werkt. Zeker in het hoogseizoen zijn entreetickets en vergunningen voor de Inca Trail vaak maanden van tevoren uitverkocht. Dat zou zonde zijn als juist daarvoor je reis was bedoeld.
En dan nog iets wat misschien wel het belangrijkste is.
Laat niet iedere minuut van je vakantie vastliggen.
De mooiste herinneringen ontstaan vaak onverwacht. Een restaurant waar je eigenlijk alleen maar een kop koffie wilde drinken. Een markt waar je een uur langer blijft hangen omdat je met een verkoper aan de praat raakt. Een klein dorp waar de bus toevallig tien minuten stopt en waar je ineens de lekkerste empanada van je hele reis eet.
Juist die momenten herinner ik me nog het meest.
Natuurlijk zijn er ook de praktische zaken. Controleer of je paspoort nog minimaal zes maanden geldig is, informeer bij een vaccinatiekliniek welke inentingen voor jouw reis verstandig zijn, neem een bankpas én een creditcard mee en sluit een goede reisverzekering af. Dat zijn misschien niet de spannendste voorbereidingen, maar wel de dingen waar je ontzettend blij mee bent als je ze goed geregeld hebt.
Na vijf jaar wonen en werken in Peru krijg ik nog weleens de vraag wat mensen absoluut niet mogen missen. Mijn antwoord is eigenlijk altijd hetzelfde.
Probeer niet alleen de hoogtepunten af te vinken.
Neem de tijd om op een terras te zitten, bezoek een lokale markt, maak een praatje met de eigenaar van een klein hotel of blijf gewoon eens een kwartiertje staan kijken naar het dagelijkse leven op een dorpsplein. Juist daar leer je Peru kennen. Niet alleen als vakantieland, maar als een land met een eigen ritme, een rijke cultuur en ontzettend gastvrije mensen.
En geloof me, als je straks weer thuis bent, zul je waarschijnlijk niet als eerste terugdenken aan die perfect geplande busrit of dat hotelschema. De kans is veel groter dat je glimlacht om die onverwachte ontmoeting, dat kleine restaurantje of die buschauffeur die met één hand reed, met de andere hand zijn telefoon vasthield en ondertussen ook nog leek mee te zingen met de radio. Ik heb me daar de eerste keren regelmatig over verbaasd. De Peruanen zelf haalden er alleen hun schouders over op.
Dat is Peru.
En misschien is dat wel precies de reden waarom ik er vijf jaar ben gebleven.